Bij het verbouwen en produceren van biologisch voedsel wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met het milieu en dierenwelzijn. Zo wordt er geen gebruik gemaakt van synthetische pesticiden, kunstmest, genetisch gemodificeerde organismen, antibiotica en groeihormonen. Bij de productie wordt de landbouwgrond niet uitgeput, maar juist verrijkt want een duurzaam en milieuvriendelijk landbouwsysteem wordt bevorderd. Dat gebeurt onder meer door natuurlijke meststoffen te gebruiken waardoor de biodiversiteit in stand blijft en de bodem vruchtbaar blijft.
Dierenleed voorkomen
Daarnaast voorkom je dierenleed door te kiezen voor biologisch. In biologische veehouderijen hebben dieren over het algemeen namelijk meer ruimte om te bewegen en krijgen ze toegang tot buitenruimtes. Ook worden ze vaak gevoerd met biologisch voer, en worden ze niet preventief behandeld met antibiotica en groeihormonen. Of biologisch voedsel gezonder is dan niet-biologisch voedsel, is volgens het Voedingscentrum niet aangetoond. ‘Er worden soms verschillen in samenstelling gemeten tussen biologische en gangbare producten, maar een gezondheidseffect is daarvan niet te verwachten’, staat op de site te lezen. Het gaat daarbij vooral om verschillende gehaltes vitamine C, mineralen en bioactieve stoffen. Daarnaast kan de vetzuursamenstelling van biologische melk en biologisch vlees anders zijn. Maar het gaat om zulke kleine verschillen, dat het onwaarschijnlijk is dat het één echt beter is voor je gezondheid dan het ander. Wel geven veel mensen aan dat biologisch voedsel beter smaakt.