Je hebt het vast al eens ergens gelezen: eet voldoende vezels. #Fibremaxxing is de trend van het moment. Maar hoeveel aandacht besteed jij er daadwerkelijk aan wanneer je ’s ochtends half aangekleed in alle haast een boterham staat te smeren? Waarschijnlijk niet bijzonder veel. Terwijl vezelrijk eten helemaal niet ingewikkeld hoeft te zijn.
Vezels zitten van nature in plantaardige producten, zoals groente, fruit, peulvruchten, noten en volkoren graanproducten. Je hoeft ze niet allemaal tijdens één perfect samengesteld eetmoment binnen te krijgen. Juist door gedurende de dag kleine vezelrijke keuzes te maken, krijg je er ongemerkt meer van binnen.
Kleine wissels, groot gemak
Dat kan al beginnen bij je ontbijt. Kies bijvoorbeeld voor havermout met fruit en noten of volkorenbrood in plaats van witbrood. Ook tijdens de lunch kun je makkelijk een extra stap zetten: wat rauwkost, een kom soep met peulvruchten erbij of een salade met linzen.
En vergeet het avondeten niet. Volkorenpasta in plaats van de witte variant is waarschijnlijk de makkelijkste wissel ooit. Bonen doen het ondertussen prima in een curry, salade of wrap en extra groente kun je bijna overal doorheen smokkelen. Klinkt misschien niet heel revolutionair, maar effectief is het wel wél.


